"We hadden geen tijd meer": Martin Scorsese knakte bijna na dit enorme dieptepunt

woensdag, 4 februari 2026 (06:12) - FilmTotaal

In dit artikel:

In het begin van de jaren tachtig bracht Martin Scorsese een bewuste stijlbreuk: The King of Comedy, een zwarte satire over roem en obsessie met Robert De Niro en Jerry Lewis. Waar zijn eerdere werken als Taxi Driver, Raging Bull en Mean Streets hem een hoge status in Hollywood gaven, liep deze film commercieel en kritisch hard tegen de grenzen aan. Met een begroting van circa 19 miljoen dollar leverde de film wereldwijd slechts zo’n 2,5 miljoen op; recensenten waren koel en bioscoopbezoekers bleven weg.

De flop had directe gevolgen: opdrachten droogden op, zijn ambitieuze The Last Temptation of Christ kwam onder druk te staan en Scorsese vreesde marginalisering binnen de industrie. Een voorzichtig herstel begon met After Hours, maar het echte herstel van vertrouwen kwam pas met The Color of Money (met Paul Newman en Tom Cruise), die commercieel succes had en Newman een Oscar bezorgde.

Tegenwoordig wordt The King of Comedy vaak herzien als invloedrijk werk; Scorsese zelf noemde het “de juiste film op het verkeerde moment”. Het verhaal illustreert hoe artistieke vernieuwing risico’s met zich meebrengt — soms tijdelijk met ingrijpende persoonlijke en professionele consequenties — maar ook hoe reputatie en carrière kunnen herstellen.