Francis Ford Coppola gelooft dat 'The Godfather' zijn carrière heeft verpest: "Niemand wil dat ik mijn eigen werk maak"
In dit artikel:
Francis Ford Coppola, regisseur van The Godfather, ziet de film ondanks zijn wereldwijde lof niet als een onvoorwaardelijke zegen voor zijn loopbaan. Waar The Godfather (begin jaren zeventig) hem wereldfaam bracht en het filmmaken veranderde, ervoer Coppola de opbrengst ook als beperkend: “In zekere zin heeft de film me geruïneerd,” zei hij ooit.
Coppola begon decennialang eerder met lowbudget- en exploitationfilms (onder meer Dementia 13, Tonight for Sure) en werkte in de jaren zestig aan uiteenlopende projecten, van komedie tot musical. Die achtergrond maakte duidelijk dat een vaste gangstergenre-toekomst allerminst vanzelfsprekend was. Tijdens de productie van The Godfather botste hij bovendien met Paramount over casting en stijl, maar leverde toch een cultureel fenomeen af.
De enorme successen — waaronder The Godfather Part II en Apocalypse Now — leidden vervolgens tot zowel creatieve kansen als zakelijke verantwoordelijkheden. Coppola kreeg middelen om een groter bedrijf op te bouwen en meer invloed op de industrie, maar dat bracht ook verwachtingen en verzoeken die hem wegvoerden van de originele schrijver-regisseurprojecten die hij wilde maken. Het resultaat is een grillige carrière met hoogtepunten en dieptepunten: financiële mislukkingen (One from the Heart), kritisch beschamende titels (Jack) en recentelijk verdeelde reacties op Megalopolis. Coppola betreurt dat hij vaak projecten regisseerde die hij niet zelf had geschreven en voelt dat het succes van één meesterwerk zijn artistieke vrijheid in belangrijke mate heeft omgebogen.