Deze animatieseries series op Netflix hebben weinig stemmen maar krijgen een topscore
In dit artikel:
De overdaad aan streamingdiensten maakt het moeilijk om minder bekende parels te vinden, daarom zet deze rubriek op Netflix drie animatieseries in de schijnwerpers die extra aandacht verdienen. De besproken titels vallen op door hun visuele kwaliteit en ambacht: een combinatie van poppenspel en CGI geeft een nostalgische maar tegelijk gemoderniseerde uitstraling, waardoor oude tekortkomingen weggepoetst lijken en het totaalbeeld sterker wordt.
Verhalend scoren de series eveneens: een ogenschijnlijk afgezaagd samurai-wraakmotief wordt verfrist door moreel complexe personages en een maatschappij die doordrongen is van xenofobie en misogynie, wat de drama-orde verdiept en tot hoge storytelling-pieken leidt (Episode 5 wordt als bijzonder opvallend genoemd). De producties schuwen ook explicietere beelden en leveren visueel gelikte scènes op, wat bij kijkers de wens naar een vervolg—een tweede seizoen—aanwakkert.
Daarnaast is één van de genoemde titels verbonden aan bekende makers: Aaron Ehasz (Avatar: The Last Airbender) is mede-creator van The Dragon Prince, waardoor elementen uit Avatar voelbaar zijn in de mix van humor en drama; stemacteur Jack De Sena (Sokka) verleent zijn stem aan Callum. Kortom: wie tussen de grote, hofmakerij-titels door wil grasduinen op Netflix, kan in deze animatieseries zowel technisch als qua verhaal veel verfrissends vinden.
Vandaag Inside: 'The Champ' richt zich in video tot René van der Gijp, Wim Kieft, Michel van Egmond en Rob Jansen